Auteur: Inge Tigelaar

Zelf blijven leren en ontdekken

Goed. Dat ik als fanatieke racefietser na deze operatie even uit de running zou zijn, was helemaal oké. Voor het goede doel: na tweeënhalf jaar eindelijk weer een pijnloze schouder en fatsoenlijk kunnen slapen ‘s nachts! De sport die mij naast mijn drukke werk- en privéleven ontspanning biedt, zou ik dit seizoen niet meer kunnen beoefenen. Dan maar mentale rust gaan pakken en op een andere manier mijn lichamelijke ontspanning ontdekken.

Dat ik zes weken met m’n rechter-, ja echt, rechterarm dag en nacht in een soort mitella moest, was ook ingecalculeerd. Ik kon wel bedenken dat toiletpapier van een klemmende toiletrolhouder scheuren met links niet handig zou zijn. Broeken met knopen ook niet. Telefoons die aan een oplaadsnoer moeten niet. Na de verhuizing jeukende handen die meubels willen opknappen ook niet. Alle flessen en tubes met doppen ook niet. Je haar laten groeien totdat het in een staart kan niet. En benen met beharing al helemaal niet.
Allemaal dingen waar ik wel over na heb gedacht. Ik laat niet zo snel iets aan het toeval over, houd van een gedegen voorbereiding en tja, nadenken en alvast wat maatregelen nemen maakt toch dat je voldoende voorbereid bent? Totdat ik het ging ervaren …

Het touwtje van het nachtlampje rechts naast mijn bed met de tenen van mijn linkervoet (ja, met mijn benen ben ik wél links en lenig) aantrekken om het licht uit te doen omdat ik niet over mijn rechterschouder kan rollen, stond bijvoorbeeld niet in dat script. Al de frustraties die ik gedurende een dag als cadeautje toegereikt krijg ook niet. Ik dacht dat ik aardig uitgebalanceerd deze periode inging. Blijkbaar komt daar storing in als ik afhankelijk word van anderen. Ik wíst dat ik om hulp zou moeten vragen, maar alles wat ik met links kon doen, wilde ik graag zelf doen. Totdat mijn linkerarm aan de bel trok met de mededeling: ‘Ik maak overuren, het wordt me te veel, als dat zo doorgaat meld ik me ziek.’

Oké, dat moet dus anders. Mijn bezoek netjes vragen of ze een kop koffie willen en zodra ze ‘ja’ zeggen meteen even meedelen dat ze de koffie zelf mogen zetten. Dat zit niet in me, maar zal nu wel moeten … Deze week heb ik genoeg tijd voor reflectie gehad aangezien ik nog niet kon werken omdat de morfine in de narcose het nog te gezellig vond in mijn lichaam. Ik kwam tot een confronterende ontdekking. Thema’s als ‘hulp vragen’, ‘grenzen aangeven om balans te houden’ en ‘de lat hoog leggen’ zijn vaak onderwerp van gesprek in mijn praktijkruimte. En nu zijn het stiekem alle drie ineens weer even mijn eigen thema’s. Hoera, ik kan hier iets uit leren, maar heb ik daar wel zin in? Ach ja, ik ga de uitdaging maar aan. Heb ik een andere keuze? Ja. Maar is die gezond voor mij? Nee! Conclusie. Ik ga ontdekken wat wél werkt.

Dus lieve klanten die ik de komende weken live ga zien. Met m’n koppie is niets mis: voorbereiding op de momenten met jullie kan ik dus gewoon zelf doen. Mijn mond zit ook nog op de goede plek, dus ik blijf verrassende vragen stellen. Maar het o zo bijbehorende kopje koffie of thee zul je, net als de klanten die ik via Skype zie, zelf even moeten zetten.

Doe eens gek… weg uit die comfortzone

Donderdagochtend 9.00 uur. Mijn telefoon gaat. Ik hoor de stem van supervisante Marja met wie ik die ochtend om 10.00 uur heb afgesproken. ‘Ja hoi, met Marja. Ik vind het heel vervelend, maar ik kan niet komen vandaag. Ik moet met mijn zoon naar de huisarts en ik red het niet om op tijd weer thuis te zijn’. ‘Ah jammer, ik hoop niets ernstigs met je zoon?’ vraag ik. ‘Nee, niets ernstigs, maar we moeten er vandaag echt even naartoe. Wel jammer ja, ik had mijn inbreng graag willen bespreken met je. Woonde ik maar iets dichterbij, die drie kwartier rijden naar jou toe doet het hem net….’

Meteen gaat er een lampje bij me branden. Maar, kan ik de vraag bij haar neerleggen? Skype, ideaal om geen reistijd kwijt te zijn. Nee, op basis daarvan vind ik dat ik het niet direct kan vragen. Ze heeft destijds niet voor niets gekozen voor een regulier traject.

Tegelijkertijd komt haar leerproces in mijn hoofd voorbij. De vorige bijeenkomst zei ze: ‘Tjonge, ik heb eigenlijk alles vanuit een veilige modus gedaan. Als ik zie hoe anderen keuzes maken omdat ze nieuwsgierig zijn naar wat het hen oplevert… Ik ben jaloers. Misschien moet ik dat ook eens gaan doen, maar ik vind het doodeng. Het liefst spring ik een beetje gecontroleerd in het diepe’.
‘Doe eens gek’, was mijn reactie vergezeld met een knipoog en ze besloot zich bewust te worden van de momenten waarop ze de keuze heeft om in haar comfortzone te blijven of waarin ze ‘gek’ kan gaan doen.

Met dat in mijn achterhoofd durf ik de vraag wél te stellen… ‘Voldoende rust en ruimte in je hoofd om toch supervisie te krijgen?’ ‘Ja, maar qua tijd red ik het niet’. ‘Zin om eens gek te doen?’, zeg ik. Ze schiet in de lach en zegt aarzelend… ‘Euh, ja…, denk ik?’
Ik vraag haar of ze Skype op haar computer of laptop heeft geïnstalleerd. Dat heeft ze niet. ‘Maar, mijn zoon heeft me net uitgelegd hoe ik FaceTime kan gebruiken op mijn iPad’.
Ik nodig haar uit om voor 10.00 uur de iPad te pakken, een rustige plek in huis op te zoeken, een stapel boeken te pakken waar het apparaat tegenaan kan staan als ze geen iPadhouder heeft. Ik zeg dat ik haar bel zodat we via FaceTime de bijeenkomst toch door kunnen laten gaan.

Het is even stil… ‘Euh, Inge? Is dit nou zo’n moment dat ik zou moeten herkennen als ‘vlucht ik m’n veilige modus in of ga ik de uitdaging aan’?’ Met een glimlach antwoord ik: ‘Gefeliciteerd, dát doel is behaald. En? Ga je op mijn uitnodiging in?’ En terwijl ik haar ‘ja’ hoor zeggen ben ik blij dat ze haar inbreng vandaag kan bespreken én ervan overtuigd dat ze een betekenisvolle ervaring op zal doen.

Via een parallelweg…

In de tijd dat Social Work studenten gestimuleerd werden om zich internationaal te gaan oriënteren werd het aanbieden van supervisie een probleem. Natuurlijk hadden supervisoren graag een ticket geboekt om, onder het mom van ‘werkbezoek’, na een werkdag met een cocktail in de hand op het strand de supervisante te bedanken voor haar internationale belangstelling. Maar, je raadt het al, dat zou een te dure vorm van onderwijs zijn.
De oplossing werd uiteindelijk: studenten die in het buitenland stage gaan lopen krijgen intervisie over de stageperiode zodra ze weer terug zijn in Nederland. Wij weten natuurlijk allemaal dat intervisie écht wat anders is dan supervisie. Maar goed, wat te doen?

Lang leve de technologische ontwikkeling en de mogelijkheid om via Skype supervisie te gaan geven? ‘Ja!’, riep ik meteen. Maar al snel stuitte ik op ‘weerstand’ binnen ‘Supervisieland’ en de ‘mitsen en maren’ werden niet met een korreltje zout genomen.

‘Is het wel écht supervisie? Hoe zit het met de non verbale communicatie, blijf je die ‘proeven’? Je moet toch in dezelfde ruimte zijn met elkaar?’
Het jeukte aan alle kanten, want; ‘gaan we écht iets doen dat we niet kennen?’
‘En wat zou dhr. Siegers daarvan vinden?’

Wat een genie, meneer Siegers. Al hebben mijn klasgenoten en ik binnen de opleiding de supervisiebijbel wel eens zuchtend opengeslagen. Maar eerlijk is eerlijk. Hij heeft goede, gedegen wegen aangelegd! Toch gaat er door mijn hoofd: ‘De gebaande wegen zouden ook wel eens doodlopende straatjes kunnen worden als we niet meegaan in de maatschappelijke ontwikkelingen.’ In dit geval werd het voor studenten die in het buitenland stage gingen lopen onmogelijk om supervisie te ontvangen.

Online begeleiding… ondanks de ‘wegversperring’ nam ik deze afslag en na wat hobbels op de weg kan ik nu vol overtuiging zeggen: ‘Laten we waar nodig is en kan van de gedegen hoofdweg af gaan en een parallelweg nemen. Het doel, de reis van A naar B, blijft immers dezelfde.’ Met de hoofdweg als fantastische basis, gelegd door vele grootheden op supervisiegebied in het verleden.

Wij rebellen doen het misschien net even iets anders.
En leert ons niet dat vele rebellen (kijk naar Einstein bijvoorbeeld), de grondleggers zijn geweest van nieuwe gedegen paden?

Ik daag jullie uit om de parallelweg eens te nemen… Fijne ontdekkingsreis!